![]() |
Plaats van herkomst: Frankrijk. Een splinter van de steen waar Francesco Petrarca op 26 april 1336 bij de allereerste beklimming van de Mont Ventoux ( 1912 m.) op heeft gezeten. |
De steen waar Petrarca op heeft gezeten
Sinds 26 april 1336 wordt Francesco Petrarca, ‘de grootste dichter aller tijden' ook als ‘de vader van het bergbeklimmen' beschouwd, en 26 april ziet men als de geboortedag van het alpinisme.
"Altissimum regionis guius montem, quem non immerito Ventosum vocant, hodierno die, sola videndi insignem loci altidudinem cupiditate ductus, ascevdi. Multis hoc annis in animo fuerat......."
“De hoogste berg van onze omgeving, die niet onverdiend de winderige genoemd wordt, heb ik gisteren beklommen, enkel uit verlangen de vermaarde top van dit oord te leren kennen…”
Dit schreef de dichter Francesco Petrarca op 27 april 1336 aan François-Denis in Borgo Espolcro, een dag nadat hij als eerste mens in de geschiedenis een berg puur voor zijn plezier had beklommen, van het uitzicht had genoten, weer was afgedaald en de belevenis had beschreven.
Op de Mont Ventoux ging de dichter op een rots zitten en las, zoals hij berichtte, in het tiende boek van de Bekentenissen van Augustinus. Hij werd heen en weer geslingerd door de heilige stichtende teksten en het heilige uitzicht over het landschap dat zich voor hem ontrolde.
De rots, geen grote, eerder een kleine rots, waar hij op zat werd later ‘De Dichtersrots' genoemd. Door latere bergbeklimmers werd hij eerst Mons Ventosus genoemd en later Pierre de Poète. Al spoedig deed het verhaal de ronde dat men een berg vanwege het uitzicht kon beklimmen.
Dit grote stuk steen, tegenwoordig nog maar nauwelijks bekend en genoemd, doorstond merkwaardigerwijs bijna ongedeerd de grote bouwkundige ingrepen aan de top die er de laatste eeuw gedaan zijn. Regelmatig werd hij op zij geschoven en omver geworpen. Hij was geen bezienswaardigheid, stond onder geen bescherming en was noch gedenksteen noch natuurevenement.
Op 8 april 1995, bijna 659 jaar na de opzienbarende tocht, sloeg tijdens een onweer de bliksem in de steen en reet hem uiteen.
Een Nederlandse gids in Vaison-la-Romaine, die op een zeer beschaafde manier de toeristenmenigten door de Romeinse opgravingen van het plaatsje sluist en een kenner is van de plaatselijke geschiedenis, wees mij op de steen en door zijn toedoen kon ik een van de resten van de Dichtersteen in veiligheid stellen voordat binnenkort de resten onherkenbaar zijn geworden.
Literatuur;
Deutscher Alpenverein ( Hg) Frühe Zeugnisse der Alpenbesteigung , München 1986.
M. Karbe , Vom Finden der Aufzeignung , Berlin 1992